Doel
Begin klein: kies de taak die je het meest tegenstaat en probeer daar deze week AI op.
Een oefening van 20 minuten: breng je week in kaart en vind de drie taken waar AI je het meeste tijd bespaart.
De basis in gewone taal: wat een AI-assistent doet, waar hij goed in is, en waarom hij soms met grote stelligheid onzin vertelt.
Van vage vraag naar bruikbaar resultaat met vier onderdelen: rol, context, opdracht en vorm.